gist begint te werken en er kan een licht schuimlaagje ontstaan.
Let hierbij goed op de temperatuur van het water. Het moet aangenaam warm zijn, maar niet heet. Te heet water kan de gist namelijk minder goed laten werken.
Voeg vervolgens het zout en de gesmolten boter toe. Roer ongeveer drie kopjes bloem door het mengsel totdat er een dik beslagachtig deeg ontstaat.
Daarna voeg je beetje bij beetje de resterende bloem toe. Doe dit bijvoorbeeld telkens met ongeveer een halve kop tegelijk en meng goed voordat je meer toevoegt.
Het moment waarophet deeg verandert
Wanneer het deeg dikker wordt,






Comments